Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars
Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars
Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars
Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars
Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars
Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars

Trainingen in Zenica en Tuzla (Bosnië Herzogovina)

Op verzoek van PRESS NOW heb ik van maandag 14 tot en met zaterdag 19 oktober 1996 een journalistentraining gegeven in Zenica en Tuzla. De voorspelling dat in totaal zo’n 25 jonge journalisten de training zouden volgen is niet uitgekomen. In Zenica verschenen negen deelnemers(vijf mannen en vier vrouwen) terwijl er in Tuzla een vaste kern van vier deelnemers(drie vrouwen en een man) aanwezig was. Dat was jammer van al het geld, de energie en de mensen die waren ingezet. Maar de dertien deelnemers die op elke bijeenkomst verschenen waren zo leergierig, gretig en nieuwsgierig dat het zaad dat werd geworpen niet op rotsen is gevallen. Zij zullen de beste propagandisten zijn voor een noodzakelijk vervolg.
Er waren enige organisatieproblemen, niet elke SOROS-medewerker was even geïnspireerd en niet elke lokale hoofd- of chefredacteur was bereid zijn mensen een aantal avonden af te staan. Ik was uitgegaan van drie volle dagen training. Tot mijn teleurstelling vernam ik in Sarajewo dat de training in beide plaatsen drie maal drie uur kon duren. Zelf denk ik dat zo’n bliksemtraining van drie maal drie uur in alle opzichten niet meer dan een pover begin is. Ik zal in het vervolg van dit verslag enige aanbevelingen doen de training/workshop efficiënter op te zetten.

ZENICA
De workshop in Zenica was de beste van de twee. In een sober collegezaaltje van de technische faculteit zaten negen geïnteresseerde jonge mensen die enige ervaring met journalistiek hadden. Een aantal had tijdens de oorlog gewerkt voor soldatenkranten, er waren beginnende radio- en TV-verslaggevers en er waren correspondenten van kranten in Sarajewo die graag het vak grondig wilden leren. Ik heb de eerste avond de beginselen van de journalistiek verteld. Wat nieuws is; hoe nieuws tot stand komt; dat de zes W’s handige uitgangspunten zijn om een compleet bericht te schrijven; dat een bericht bestaat uit een lead en een vervolg waarin de feiten uit de lead uitgebreider worden beschreven; dat feiten heilig zijn en commentaar in een nieuwsbericht een dwaling is; dat een journalist schrijft om gelezen te worden en daarom creatief gebruik van taal nodig is om de lezer te verleiden. Diezelfde avond(van 16.00 tot 19.00 uur) nog heb ik via eenvoudige opgave het schrijven van een lead geoefend.
Omdat vanzelfsprekend elke discussie terugvoerde naar de oorlog en al meteen door een deelnemer werd opgemerkt dat hij en zijn collega’s in zijn verslagen over de gebeurtenissen waarschijnlijk had ‘overdreven’ is lang en intensief gesproken over objectiviteit. Kan een verslaggever in tijden van oorlog ‘objectief’ zijn. Dat is, zei ik, in het dagelijks leven al een miraculeuze opgave.
De tweede avond is op verzoek van de deelnemers die discussie voortgezet. Ik heb beroemde boeken en beruchte gebeurtenissen besproken over historische leugens in oorlogen. Zo hebben we het gehad over ‘The First Casulaty’ van Philip Knightley, ‘Scoop’ van Evelyn Waugh, de leugen van de voormalige Amerikaanse president Lyndon Johnson die journalisten vertelde hoe Vietnamese gevechtsboten de Amerikaanse vloot in de Golf van Tonkin hadden beschoten. Dat was niet waar maar dat zogenaamde Golf van Tonkin-incident zou de aanleiding worden van de oorlog in Vietnam. En we hebben het over de eenzijdige berichtgeving gehad tijdens de Golf-oorlog toen de wereld de beelden zag van CNN en journalisten honderden kilometers van de linies weg moesten blijven. We hebben het ook gehad over Pulitzer-prijs winnaar Roy Gutman die Banja Luka en Omarska niet met eigen ogen zag maar – volgens de deelnemers – zijn informatie vooral kreeg van de CIA en de Amerikaanse ambassade.

We hebben het daarop gehad over journalisten die zich laten gebruiken door regeringen en geheime diensten – de journalist als ‘useful idiot’. Ook op die tweede avond is door de deelnemers van de workshop een bericht gemaakt over Chernobyl.
De derde avond is gesproken over ethiek: hoe gedraagt een journalist zich, hoe gaat hij met zijn bronnen om en hoe voorkomt hij/zij gecompromitteerd te worden Hoe gaat hij om met geruchten – en als voorbeeld diende een recente gerucht van een rooms-katholieke non die in Kadanj zou zijn neergestoken. We hebben ook een uur uitgetrokken voor interviewtraining en interviews gesimuleerd.
Het voorspoedige verloop in Zenica was voor een niet gering deel te danken aan vertaler en docent Engels Vasic Nebosja (onthoud die naam) die het nodige van journalistiek wist en naast de vertaling in de avonduren ook nog allerlei verslagen en berichten vertaalde. Ook SOROS-verbindingsman Zeljko Bodul deed zijn best voor een voorspoedig verloop.
In Zenica was Hamsa Baksic, commentator van Oslobodjenje, met de titel ‘directeur’ van de training. Hamsa is een aardige man, maar moe, ‘zo moe’, zoals hij me vertelde. Pas 56, maar ‘eigenlijk al dood’ In de oorlog bleef hij bewust in Sarajewo en hij zou nooit meer dezelfde van voor de oorlog zal worden. Ik heb hem vooral in het café ontmoet.
Volgens Hamsa was de workshop die ik namens PRESS NOW verzorgde het begin van een enkele weken durende training. In de tweede week zou computerles volgen, daarna zouden oudere en ervaren journalisten uit Bosnië Herzegovina de deelnemers kennis bijbrengen van reportage en verslaggeving. De bedoeling is om de komende tijd elke maand de deelnemers bijeen te roepen voor ‘opfrissingscursussen’.
Helaas zijn in BH weinig energieke oudere journalisten over gebleven. Tijdens de oorlog kregen werden journalisten van blauwe perskaarten van de Verenigde Naties voorzien, waarmee ze het land konden verlaten. Velen hebben dat gedaan.

TUZLA
De workshop in Tuzla verliep niet zo geruisloos. Er was een lokaaltje beschikbaar in de plaatselijke muziekschool met links een leerling die de piano bespeelde, rechts een met een dwarsfluit en achterons iemand die iets met zang deed. Er verschenen aanvankelijk negen deelnemers die al meteen lieten weten zeer veel beslommeringen te hebben. Vier kwamen elke avond en met hen heb ik, zij het creatief, het programma van Zenica herhaald.
De door Soros ingehuurde coördinator Zoran Halvic had geen idee waarmee hij bezig was en toonde ook geen enkele interesse. Zijn engelse vocabulaire omvatte twintig woorden. Aanvankelijk berichtte hij me dat ik twee uur per avond voor de cursus had omdat aansluitend een computercursus zou worden gegeven. Die cursus was evenwel een week later. Ik protesteerde en hij overlegde met Sarajewo. Ik kreeg alsnog drie uur maar daar had een aantal cursisten weer niet op gerekend. Op vrijdag vroeg hij welke van de twee trainingen het beste was. Ik heb hem naar eer en geweten geantwoord. Op zaterdagmorgen heb ik hem vervolgens niet meer gezien.
Voor de training in Tuzla was ook verslaggever Marko Divtovic van de lokale redactie van Oslobodjenje aangetrokken om te ‘monitoren’. Zijn rol beperkte zich tot een dagelijkse rit van en naar het hotel om mij op te halen – terwijl lopen aantrekkelijker was. Tussendoor verbleef hij in een belendend café waarna lopen ook nog veiliger was.

Op vrijdagavond 18 oktober bezocht ik de presentatie van het tabloid dagblad ‘Vercerne Novine’, dat voor de eerste keer op de nieuwe pers in Tuzla was gedrukt (Vercerne Novine heeft zijn hoofdvestiging in Sarajewo en de Tuzla-editie werd tot dusver met auto’s naar Tuzla vervoerd)
Ik ontmoette de hoofdredacteur van de krant Dario Novalic die zich uitputtend excuseerde voor de geringe opkomst op de training. Maar ja, het handjevol verslaggevers dat hij in Tuzla heeft kon hij onmogelijk missen. Aanwezig was tevens Dimiter Dimitrov, een Bulgaar die sinds kort voor UN-civic affairs werkt en fondsen voor de pers in Tuzal had bijeengebracht. Zij beloofden beiden beterschap en verlangden nadrukkelijk verder contact van Press Now. Ook ontmoet een wat oudere verslaggever, Vehid Jahic, die op een van de trainingen aanwezig was en opgetogen reageerde over het initiatief. Ik noem al die namen met opzet omdat ze in te schakelen zijn bij een vervolg.SARAJEWO
Terug in Sarajewo uitvoerig gesproken met Boro Kontic. Hij wil veel maar zijn aandacht gaat op dit ogenblik toch vooral uit naar het mediacentrum, gevuld met prachtig apparatuur van de BBC. Het was een week vol bijeenkomsten, openingen en presentaties, zodat Boro’s belangstelling nogal gespreid was. Hij excuseerde zich voor de organisatie van de training. De opleiding van kranten-journalisten is door alle andere besognes ondergeschoven gebleven terwijl toch – zo beaamde hij – het geschreven woord de moeder van alle journalistiek is. Hij vroeg zich of PRESS NOW niettemin bereid zou zijn trainingen in Banja Lukia en Bihac te houden. Ik breng dit verzoek over met enige aanbevelingen die ik ook met Boro heb besproken.

HOE VERDER
Het is vanzelfsprekend dat in zo’n ontwricht land als BiH, de organisatie veel manco’s zal vertonen. Een deel van de problemen zal voorkomen kunnen worden als PRESS NOW zelf een deel van de voorbereiding en organisatie ter hand neemt – in samenwerking met de mensen van Boro. Dat betekent dat voor de training een ‘verkenner’ vooruit wordt gestuurd om nadrukkelijk te praten met lokale journalisten en hoofdredacteuren. Er moet een zekere garantie bestaan dat een groepje energieke deelnemers de training permanent volgt.
Een training van drie maal drie uur is eigenlijk niet efficiënt, het is als een storm die voorbijraast. Een goede training neemt minimaal tien volledige dagen in beslag waarbij het vormen van een redactie en het maken van een krant kan worden gesimuleerd. Om dat te realiseren moeten studenten/journalisten een compensatie worden geboden voor gederfde inkomsten gedurende die tijd. Als de training goed en praktisch wordt opgezet zouden in die tien dagen verhalen kunnen worden voorbereid die later in de kranten kunnen worden gepubliceerd – waardoor tevens bezwaren van hoofdredacteuren worden weggenomen dat zij hun verslaggevers missen.
Het verdient voorkeur om de studenten tien dagen lang bij elkaar te brengen op enigszins neutraal gebied in een ruimte waar telefoon is, een aantal computers staat en gewerkt kan worden. Boro opperde de mogelijkheid deelnemers van Banja Luka en Bihac naar Sarajewo te halen. Dat is aantrekkelijk omdat er een internationaal klimaat heerst en omdat in Sarajewo veel buitenlandse correspondenten zijn die zouden kunnen optreden als gast-docent.

Maar het mag niet zo zijn dat de provincie tegen de stad wordt uitgespeeld. Als in de omgeving van Bihac en Banja Luka neutraal terrein te vinden valt waar voorwaarden voor training aanwezig zijn, verdient dat voorkeur.
PRESS NOW zou zich op de duur vooral moeten richten op het opleiden van trainers in BiH zelf. Dat betekent dat oudere en ervaren journalisten gezocht moeten worden die zich bereid verklaren gedurende bijvoorbeeld een of twee maanden per jaar zich in te zetten voor de opleiding van jongere collega’s.
Kees Schaepman en ik hebben daar in de Russische federatie enige ervaring mee. Daar hebben wij met behulp van docenten/journalisten van lokale faculteiten taalkunde een teacher’s manual gemaakt voor een cursus journalistiek. In de Russische federatie wordt inmiddels met die handleiding gewerkt.
Als die opzet navolging zou kunnen krijgen in Bosnie Herzegovina kan op termijn een permanente opleiding journalistiek volgen.

Rudie van Meurs
Sarajewo
oktober 1996

Polderpers