De stille uurtjes van notaris Van der Valk
‘Wat ik doe is beleggen, puur en rustig beleggen’
Door Rudie van Meurs
Er bestaan hardnekkige misverstanden. Zo worstelt de Koninklijke Notariële Broederschap al decennia lang met het beeld van ‘de notaris als een oude, ondoorzichtige vaak schichtige figuur, al dan niet met zwoegende kandidaten en versleten klerken om zich heen’. Die tijd is vanzelfsprekend lang voorbij — dat is ook de afgelopen weken wel duidelijk geworden. ‘De huidige notaris is iemand die met de tijd meegaat,’ bericht de broederschap. Dat kan niet worden ontkend.
De moderne notaris brengt zijn praktijk onder in een besloten vennootschap. Hij is bedreven in het jongleren met wetsartikelen en ere-codes. Hij opereert in het grensgebied van wat net nog kan en eigenlijk niet meer mogelijk is. Hij sluit een pact met het schimmige rijk van handelaars en speculanten, voor wie hij transporteert en met wie hij zelf zaken doet. Hij is inventief in het zoeken naar verklaringen om zijn activiteiten te rechtvaardigen. Hij is op en top van deze tijd. Waar het hem slechts aan schort is een beetje fantasie.
Neem nu notaris C. F. J. van der Valk uit Schiedam. Pas zesenveertig jaar oud, toch alweer veertien jaar in het notariaat. Eind maart dit jaar ging zijn kantoor opereren onder de naam ‘Van der Valk notarispraktijk bv’. Ongeveer gelijktijdig startte hij de ‘Beleggingsmaatschappij Noval bv’ en begon hij eind april met de handelmaatschappij ‘Valno Vastgoed bv’. Méér varianten op de naam zijn denkbaar en die kunnen weleens nodig zijn want Van der Valk zit niet stil.
Als jongen van drieëntwintig jaar zocht hij het in effecten. ‘Een zenuwenbestaan,’ zo herinnert de notaris zich de tijd van toen. ‘Ik moest iedere dag de krant bestuderen ‘en mijn vrouw zei, houd er in vredesnaam mee op. Ik had geen verstand van effecten, wel van huizen.’ Dus schakelde hij geheel over naar het onroerend goed en die bezigheid verliep — in de stille uurtjes van de notarispraktiik — uiterst succesvol. Uit een inventarisatie die begin dit jaar werd gemaakt, valt op te maken dat Van der Valk eigenaar is van tenminste honderdtwintig appartementen, vijf portiekhuizen en twee bedrijfspanden. Voornamelijk gelegen in Vlaardingen, Schiedam en Rotterdam. Hij koopt en verkoopt met regelmaat. Sinds zijn activiteiten zijn ondergebracht in besloten vennootschappen, is het zaken doen nóg aantrekkelijker geworden. Vrijwel alle aktes van koop en verkoop door Valno worden namelijk ten kantore van ‘Van der Valk notarispraktijk bv’ getransporteerd. Dat kan, al is een juridische spitsvondigheid noodzakelijk. Zou Van der Valk zélf namens Valno optreden, dan is dat in strijd met artikel 21 van de wet op het notarisambt. Daarom heeft Van der Valk zijn kandidaatnotaris mr. H. C. M. M. Janssen tot mede-directeur van zijn bv’s gebombardeerd. Zodra nu Noval of Valno als partij voor de notaris verschijnen, worden ze vertegenwoordigd door mr. Janssen. Op die manier is er geen vuiltje aan de lucht. Zo kan eigenaar/directeur C. F. J. van der Valk onbekommerd de last van het notarisschap op zijn schouders nemen. Want de honneurs voor zijn bv’s worden waargenomen. De transacties worden er nóg aantrekkelijker op, zoals gezegd. Naast de winst die de huizen opbrengen, levert het transport van de aktes Van der Valk als notaris een honorarium op. Voor een huis dat één ton gaat kosten is dat ƒ 1361; komt er een hypotheek bij dan ontvangt de notaris andermaal ƒ 889. Op die manier bent u bezig self-suppor-ting te worden zeg ik tot de notaris. Van der Valk: ‘Nou, zo erg is het niet. Het is een bezigheid die valt te verwaarlozen op het totaal aantal aktes dat ik passeer. Het is misschien één promille. Het is bijna niks.’ U heeft door de trouvaille van mr. Janssen als tweede directeur keurig voldaan aan de wet. Niettemin vindt de voorzitter van de broederschap, de heer Santen, dat u niet ‘sjiek’ handelt?
Van der Valk: ‘Nou, dat is zeker niet waar. Er is nooit een bezwaar over geuit. Het kan zonder meer, ja hoor.’ En hoe staat het dan met uw handel in onroerend goed. Staat die niet op gespannen voet met de boodschap van de broederschap dat een notaris zich dient te onthouden van handel en actieve belegging in onroerend goed? Van der Valk: ‘Het is me helemaal duidelijk. Ik begrijp dat u een beetje aan het zoeken bent. Kijk, ik heb geen postzegels en effecten. Ik heb nooit anders dan in onroerend goed belegd en dat is altijd gefinancierd met eigen geld. Het is niet zo dat ik regelmatig onroerend goed koop. Wat ik doe is beleggen, puur en rustig beleggen. Ik heb daarover een afspraak met de belastinginsprecteur in Schiedam. Als u het kadaster nagaat zal blijken dat ik nooit meer dan één keer per jaar iets koop en één keer iets verkoop.’ Dat heb ik gedaan.
En grosse
Op 6 mei 1977 koopt Van der Valk van de Haagse onroerend goed handelaar Harry W. M. Hilders voor ƒ 590.775,- aan panden in de Oude Raadhuisstraat, Hekelingenstraat, Mijnsherenlaan en Pleinweg in Rotterdam. Hilders, directeur van diverse vennootschappen, gevreesd in de Schilderswijk en Transvaalkwartier in Den Haag, wordt door Van der Valk ‘een van de grootste, meest vooraanstaande huizenexploitanten’ genoemd, ‘met wie ik bijzonder graag zaken doe.’ Op l september 1977 koopt Van der Valk van de Schiedamse Beleggingsmaatschappij (directeur C. de Vries) vijftien panden in de Vlaardingse Blankenheimstraat, benevens zeven appartementen in de Jan van Arkelstraat en nog eens eenentwintig huizen in de Van der Werffstraat voor een waarde van 3,2 miljoen gulden. Driekwart jaar later wordt hij voor ƒ 1.150.000,- eigenaar van een groot aantal panden in de Brigantijnstraat, Voornsestraat en Zwartewaalstraat in Rotterdam. Verkoper is de Bouw- en Handelmaatschappij Josephien in Tilburg, onderdeel van de Administratie- en Trustmaatschappij Demsterwild bv. In 1979 wordt Van der Valk voor ƒ 275.000,- eigenaar van een twintigtal panden in de Baljuwstraat in Vlaardingen. Verkoper is A. van Utrecht Vastgoed bv in Rotterdam. Even later verwerft Van der Valk zich voor ƒ 324.445,-zeven appartementen aan de dr. Wiardi Beckmansingel in Vlaardingen. Verkoper is de Beheer en beleggingsmtat-schappij Bartelds bv in Utrecht.
Gaat de inkoop steeds en grosse, de verkoop gebeurt voor een groot deel en detail. Een willekeurige dag uit de notarispraktijk van Van der Valk. Het is 4 mei 1979. Uit de voorraden van Valno wordt een bovenwoning verkocht aan de Schiedamseweg 196 voor ƒ 100.000,-; Werffstraat in Vlaardingen voor ƒ 75.000,-; een huisje in de Jan van Arkelstraat voor ƒ 14.000,-; andermaal zo’n optrekje voor dezelfde prijs. Tenslotte de Van der Werffstraat 214, die eruit gaat voor ƒ 74.000,-. Op 16 mei dit jaar — nauwelijks twee weken later — wordt Oude Raadhuislaan 33a in Rotterdam voor ƒ95.000,-van de hand gedaan. Op 31 mei, op 3 juli, enz. dienen zich de gelukkige eigenaars van andere Valno-huizen aan — en dat is allemaal opgeschreven na summier onderzoek in het kadaster.
Toen bent u ertoe overgegaan de activiteiten onder te brengen in bv’s?, vraag ik de notaris.
Van der Valk: ‘Met de belastinginspecteur heb ik vorig jaar afgesproken dat het privé met de aan- en verkopen van één keer per jaar afgelopen zou zijn. Hij vond het namelijk, gezien de grootte van de bedragen, tijd om de vraag te stellen of ik dat allemaal nog belastingvrij kon doen. Nou, heb ik toen gezegd, dat is geen punt. Er wordt door mij privé niets meer gekocht. Vanaf nu zal elke aankoop uitsluitend door de beleggingsmaatschappij gebeuren of eventueel via de handelmaatschappij Valno Vastgoed.’
U financiert alles met eigen geld zegt u. Hoe moet ik dan de hypotheek van 8,5 miljoen gulden zien, die op 12 februari dit jaar door Westland-Utrecht Hypotheekbank is verstrekt?
Van der Valk (opgewekt): ‘Dat bedrag is bestemd voor de totale financiering van ons nieuw kantoorgebeuren. U moet weten, we hebben voor de notarispraktijk een nieuw kantoorpand gekocht dat we nu aan het verbouwen zijn. Dat gaat bij elkaar acht miljoen gulden kosten. We konden het pand alleen in z’n totaliteit kopen. Dat is toch niet verkeerd?’ Het nieuwe kantoor, annex woonlagen met tientallen flats is gelegen aan de Parkweg 228 t/m 290 in Schiedam. Het behoorde toe aan Philips. Van der Valk kocht het voor de som van 6,5 miljoen gulden van de vennootschap naar Zwitsers recht Maldorais SA in Zug (Zwitserland). De notaris weet niet van wie Maldorais is. Hij zegt: ‘Het zou van Philips kunnen zijn.’ Dat is overigens een affaire die niet op de weg van de notaris ligt. Hij nam een hypotheek voor de aankoop van een pand dat ‘nodig is voor de ambtsbediening.’ Daarmee handelt Van der Valk formeel naar de letter der wet. Hij kan er niets aan doen dat het nieuwe kantoor veel te groot is voor zijn werk. Hij kon het immers alleen ‘in z’n totaliteit’ kopen. En zo balanceert de notaris wederom op het smalle koord tussen wat wel en niet verboden is. Handelt hij in onroerend goed? Leent hij geld voor die activiteiten? Doet hij artikel 21 van de wet op het notarisambt (‘notarissen mogen geen akten verlijden waarin zij zelf als partij voorkomen’) geen geweld aan? Het zijn vragen waarmee ook de Koninklijke Notariële Broederschap nog geen raad weet. Al sinds begin deze zomer onderzoekt de broederschap de transacties van notaris Van der Valk. Evenals de Kamer van Toezicht in Rotterdam. Van der Valk zelf is daarvan op de hoogte. Hij meent evenwel dat het onderzoek is afgesloten en dat het voor hem tot zijn volle tevredenheid is geëindigd. Een voorbarige conclusie. De broederschap zit nog steeds met zijn activiteiten ‘omhoog’ en het onderzoek duurt voort.
Inmiddels bereidt het notariskantoor Van der Valk zich voor op verdere expansie. Op dit ogenblik wordt overwogen om in Schiedam een vierde notarispraktijk te vestigen (naast de drie bestaande). Het is bekend dat Van der Valk zijn kandidaat-notaris en mededirecteur van Valno en Noval mr. H. C. M. M. Janssen, graag wil laten gaan om voor zich zelf te kunnen beginnen. In dat geval zouden Van der Valk en Janssen zich willen associëren.
Duizenden bv’s
Zoals de broederschap al zei, de huidige notaris is iemand die met zijn tijd meegaat. Het spel is verfijnder geworden, ingenieuzer, harder ook. De hausse in besloten vennootschappen bij voorbeeld, gaat het notariaat niet voorbij. Op dit moment zijn zo’n twintig notarispraktijken overgeschakeld op de bv-vorm. Deze geeft fiscale voordelen, beperking van de aansprakelijkheid en — zoals de broederschap het zelf in een handleiding voor bezoekers van notariskantoren voorstelt — ‘verhoging van het maatschappelijk aanzien en grotere investeringsmogelijkheden.’ Maar het is duidelijk nooit de bedoeling van de wetgever geweest dat de notaris evenmin als de arts en de apotheker, zich zou terugtrekken in een b.v. En eerst waren het al de notarissen die — al dan niet geremd door onvoldoende kennis van materie — bijdroegen aan de komst van zo’n 120.000 nieuwe bv’s in de afgelopen twee jaar. Zij maakten soms — indachtig het geheiligde principe dat een notaris zijn diensten niet mag weigeren — klakkeloos aktes op voor bv’s die voor louche doeleinden werden opgezet. Notaris N. P. Zijlstra uit Opheusden maakte ruim een jaar geleden in een kort tijdsbestek honderd aktes op voor bv’s, die voor de helft ten onrechte werden opgericht. De notaris verrichtte haar diensten voor het bureau dr. Stallaert dat zich ook presenteerde onder de naam BEA, EEB, Polisconsult en KBA Unimac — alle vanzelfsprekend als bv opererend. Die bureaus bezochten argeloze middenstanders om die te bewegen over te gaan op de bv-vorm. Stemden de middenstanders toe, dan-werd de notaris ingeschakeld voor het opmaken van de aktes. Mevrouw Zijlstra speelde daarbij een rol, a raison van ƒ 1.500,— honorarium per akte. Zij deed het overigens uit onkunde. Pas na een bezoek aan het ministerie van Justitie stopte zij haar relatie met dr. Stallaert.
Elitegroep
Zoals eerder gezegd (zie VN 13/10) treedt de broederschap in veel verkeerde zaken met uiterst mededogen op. Zoals bij voorbeeld in de zaak van mr. J. E. E. Stuijt, notaris te Amsterdam. In VN van 28 september 1974 beschreef J. van Tijn ’s mans dwalingen en hoe Stuijt grove winsten boekte in saneringsbuurten. De notaris kreeg een berisping maar mocht zijn praktijk onbelemmerd voortzetten. Hoe komt het toch dat de broederschap zo mild is?
Een willekeurig lid van de broederschap in de provincie, notaris Haiko Smid uit Waardenburg zegt: ‘Tientallen jaren is de broederschap een elite-groep geweest met eigen strakke regels. Nooit mocht de vuile was buiten gehangen worden. Alles onder het mom dat het publiek er niet mee gediend was dat er een imago ontstond van oppassen voor die notarissen. Er is nu iets veranderd, er is een bepaalde openheid ontstaan. Gedwongen, want het liefst zou men op de oude voet doorgaan en alles achter gesloten deuren behandelen.’ Notaris Smid heeft een praktijk in een kleine gemeenschap. Grote bouwers en projectontwikkelaars zijn er niet. Toch wordt hij ermee geconfronteerd. Enige tijd geleden kwam een projectontwikkelaar bij hem op het kantoor om een aantal huizen over te schrijven. Hij stel de bij die gelegenheid voor: ‘Ik heb in een grote gemeente hier dichtbij nog een bouwerij. Die kan je ook krijgen maar dan moet je wel de transportkosten halveren.’ Smid weigerde. De aannemer antwoordde daarop: ‘Het spijt me, dan zal ik iemand moeten opzoeken die het wel doet.’ En hij vertrok. Smid meent, ook op grond van andere ervaringen, dat eenderde van de notarissen wel eens met verzoeken om dit soort tariefsaanpassingen wordt geconfronteerd. Hij weet ook dat een bepaald soort handel in onroerend goed vaak gekoppeld is aan een bepaald kantoor. Hij zegt: ‘Ik verbaas me regelmatig over de passieve houding van de broederschap. In de praktijk heb je niks aan de zogenaamde eerbiedwaardigheid van het ambt. Bepaalde handelaars komen niet bij mij. Zij halen zelfs mensen bij me weg.’
Notaris Smid meent dat het gesleep van transacties naar bepaalde kantoren een ‘funeste werking’ heeft. Hij zegt: ‘De passieve houding van de broederschap heeft een verziekende invloed ten aanzien van het publiek. Ik ben daarvan overtuigd.’
De roep om hardere maatregelen tegen zwakke broeders lijkt overigens tot de Koninklijke Notariële Broederschap door te dringen. Op dit ogenblik wordt serieus de zaak van notaris mevrouw M. J. Slis-Stroom onderzocht. Zij handelde in strijd met de wet op het notarisambt. De Kamer van Toezicht in Amsterdam stuurde haar voor een halfjaar met verlof, maar de vordering van de Kamer bij het Gerechtshof tot een streng optreden werd niet gehonoreerd. Mevrouw Slis-Stroom keerde terug in haar praktijk. De broederschap onderzoekt nu wat zij kan doen. Een moeilijkheid daarbij is dat noch de schriftuur van vordering van de Kamer van Toezicht, noch de uitspraak van het Gerechtshof bij de Broederschap bekend zijn. Met groeiend onbehagen worden die tegemoet gezien.
Ook de affaire rondom notaris E. Haverschmidt in Den Haag zal een vervolg krijgen. Het Tweede-Kamerlid voor de PvdA, Nora Salomons, heeft er vragen over gesteld. De Broederschap zal er zich dus wel over móéten buigen. En de griffier van de Kamer van Toezicht in Den Haag, mr. J. L. A. de Haan, heeft enig materiaal aangereikt gekregen dat hij zelf — door gebrek aan een eigen opsporingsapparaat — niet verzamelen kon.
Laten we hem daarom even de rust gunnen zijn werk te doen.
Vrij Nederland Jaargang 40 — 27 oktober 1979