Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars
Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars
Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars
Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars
Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars
Izzy F.Stone, journalist 1907-1989, editor I.F.Stone’s weekly: ‘Alle regeringen worden geleid door leugenaars

Hoofdstuk 33 Zo’n nat seizoen heeft Daan nog nooit meegemaakt

In Genesis wordt over een plasregen geschreven die veertig dagen en veertig nachten op de aarde neerplensde. Toen was er de zondvloed. Het is maar goed dat er sindsdien dijken, gemalen en een regenboog zijn gekomen. Want bij ons op het dorp regent het al meer dan twee maanden.
In de kwelling, achter de dijk, staat op sommige plaatsen een halve meter water. Het land in de polder is doordrenkt. Waar andere jaren de maïs al dertig centimeter boven de grond uitstak, groeit nu onkruid. De ziekenfondsbode herinnert zich dat hij een keer op zijn verjaardag – half juni – nieuwe aardappelen at. Nu zijn ze in de meeste gevallen nog niet eens gepoot en als ze wel in de grond zitten rotten ze weg in de grote plassen die zich overal hebben gevormd. In de weilanden staat het gras zo hoog dat een kalf er zich in kan verschuilen. Maar koeien kunnen er niet in omdat ze de boel `verlopen’ – het gras plattrappen en de wei in een modderpoel veranderen waardoor die een seizoen lang onbruikbaar zal blijven. En machines kunnen er niet op omdat ze tot hun assen wegzakken in de blubber. Ten slotte raakt het gras uitgegroeid. Dicht bij de grond wordt het geel. Het verliest zijn eiwitten, het wordt zwaar van het zaad dat schiet. Dan komt er een nieuwe regenbui die het gras neerranselt. En het is te futloos om nog op te staan.
Daan die al tachtig jaar leeft heeft zo’n nat seizoen nog nooit meegemaakt. Tegen de eierboer, die achter hem een paar bunder gras heeft, zei hij een paar weken geleden al: `Man, je moet er met de zeis in, er komt niks van terecht.’ Maar welke boer kan er tegenwoordig nog een zeis vasthouden? Toen Daan jong was ging hij met tien, vijftien arbeiders tegelijk het land op en in een halve ochtend legden ze een paar hont gras met de zeis neer. Maar landarbeiders zijn er niet meer en de jonge boeren zijn vooral bedreven in het vasthouden van tractorsturen. Daans handen tintelen maar hij kan zelf ook niets beginnen. Andere jaren stond zijn moestuin vol snijbiet, andijvie, sla en spinazie. Alles is dit jaar mislukt. De legboontjes zijn weggerot in de grond. En Daan, die zo zuinig is dat hij één keer in de twee dagen verse koffie zet, eet alleen nog snijbonen uit het zout en prinsesseboontjes uit weckpotten.

Iedereen in het dorp lijkt trouwens neerslachtig. De winter ging nat, donker en somber voorbij. Zonder vriesheldere dagen en nachten. Geruisloos kwam de lente zonder dat de dagen veranderden. Mensen die in de stad wonen weten vaak nauwelijks wat voor weer het buiten is. Maar op een dorp is dat anders. De lage luchten boven een onstuimige rivier, al dat water en de treurigheid van het kale land vol blubber en diepe sporen, maakt de mensen droefgeestig en humeurig. Ze zijn bezorgd, ze lachen niet meer en ze kijken naar het water dat rijst en rijst. Want nog steeds regent het. De rivier is weer gaan zwellen, de tweede keer dit voorjaar, en het water zal nu nog hoger tegen de dijk lopen. Hoog water in juni, dat is sinds mensenheugenis niet voorgekomen. Als het donker wordt vluchten de muskusratten – die zich snel hebben vermeerderd sinds de minister alleen nog maar premie geeft aan enkele erkende rattenvangers – uit de uiterwaarden over de dijk naar de polder. Aan de overkant van de dijk krijst angstig een grutto om zijn nest met jongen dat door het opkomende water wordt weggespoeld. Peer van De Oven heeft zijn invalide vader op de dijk gebracht want straks zal het water zijn boerderij dagenlang isoleren. Op de kleine camping aan de rivier, bij het café van Simon, zijn in allerijl de caravans weggehaald en naar hoger gelegen delen gebracht. En in de oude slagerij, waar zojuist een nieuwe keuken is geïnstalleerd na het hoge water van zes weken geleden, zal het water meer dan één meter hoog binnendringen. Op het dorp heeft de eierboer nog voor twee dagen kuilgras voor zijn koeien. Dit is een heel treurig voorjaar. Een paar dagen geleden is op de dijk een auto gevonden van iemand die het heel moeilijk had. De man is nog altijd vermist. Het water in de rivier stroomt sneller dan ooit en laat geen sporen na.

Polderpers